Mijn mensen: Stan Bannier
31 augustus, 2010
In de aanloop naar de verschijning van mijn debuutbundel ik en mijn mensen plaats ik op deze site ingesproken gedichten. Eind september zal de gehele bundel als audioboek beschikbaar zijn en uiteraard helemaal gratis en remixbaar, zoals u dat van mij gewend bent.
De gedichten worden echter niet door mij, maar door ‘mijn mensen’ ingesproken. Niet al mijn mensen natuurlijk, maar een selectie (het zijn immers maar dertig gedichten). Dit keer: Stan Bannier.
Manuel, in clubversie uitgevoerd door Stan Bannier.
Manuel schreef ik in opdracht van de Wintertuin, toen de Literaturjugend in het voorprogramma van I’m from Barcelona stond. De opdracht was om iets met het Manuel uit Fawlty Towers te doen. Ik nam die opdracht niet al te letterlijk en besloot iets te schrijven over waar ik vandaan kom, met een vleugje Spaanse siësta er doorheen. Het resultaat: dit gedicht.
En omdat het gedicht gaat over waar ik vandaan kom, moest het ook door iemand voorgelezen worden die daar ook vandaan komt. Stan en ik komen uit hetzelfde dorp. Lang, lang geleden, voordat ik poëzie-superster wilde worden, zat ik, zoals elke zichzelf respecterende alto, in een bandje. Stan was de drummer van die band en samen stonden we aan de wieg van een tweede (gelegenheids)band.
Stan is een van de ‘Limburgste’ mensen die ik ken en vertegenwoordigt alles wat ik gaaf vind aan die provincie. Inmiddels is hij lichttechnicus bij Het Zuidelijk Toneel. Onlangs speelde hij een bescheiden rol in het toneelstuk Stand Up. Hij speelde Barry (“Nare dingen en zo dat vind ik niet prettig, maar humor… dat vind ik echt te gek.”) en stal daarmee de show (trailer). Barry is in dat toneelstuk een beetje wat Manuel in Fawlty Towers was: spuit elf. En daarmee is de cirkel rond.
Stan, desse bedank bus det wetse, he. Ich kom snel unne keer aaf, veur pils en zo.
Mijn mensen: Eva Mouton
24 augustus, 2010
In de aanloop naar de verschijning van mijn debuutbundel ik en mijn mensen plaats ik op deze site ingesproken gedichten. In september zal de gehele bundel als audioboek beschikbaar zijn en uiteraard helemaal gratis en remixbaar, zoals u dat van mij gewend bent.
De gedichten worden echter niet door mij, maar door ‘mijn mensen’ ingesproken. Niet al mijn mensen natuurlijk, maar een selectie (het zijn immers maar dertig gedichten). Dit keer: Eva Mouton.
Ogen op alles, gelezen door Eva Mouton.
Eva behoeft geen introductie eigenlijk. Het meisje stond immers op de voorkant van de Knack Focus. Maar toch: ik ken Eva via Op Ruwe Planken. Bij de presentatie van ons nummer De Belgen Komen hielden we een klein debat over de toekomst van het literaire tijdschrift. Eva was daarvoor uitgenodigd. Vlak voor de presentatie waren mijn lief en ik gaan kijken naar een appartementje in de Ooij. We hadden nog wat tijd over en aten een frietje in het park. Naast ons was er nog een stelletje in het park friet aan het eten. Ze zagen er gezellig en schattig uit. Het waren Eva Mouton en Bert de Geyter. Hoe het vanaf daar verliep weet ik niet meer zo goed, maar we zagen elkaar vaker. We traden samen op, sliepen in elkaars appartementen, dronken elkaars drank op en begonnen een collectief dat geen collectief is.
Ogen op alles is een van de ‘lichtere’ gedichten in de bundel. Ik wilde het opnemen om al het gebral en gejank in de andere gedichten even te onderbreken. Niemand beter om dat voor te lezen dan Eva. Ze is voor mij het bewijs dat je moet doen waar je zin in hebt. Dat je zonder voorbehoud erin moet duiken, dat alles altijd goed komt. Haar werk is om jaloers van te worden zo mooi. En ze is stoofvleesfan.
Bedankt, Eva.
Mijn mensen: Willem Claassen
19 augustus, 2010
In de aanloop naar de verschijning van mijn debuutbundel ik en mijn mensen plaats ik op deze site ingesproken gedichten. In september zal de gehele bundel als audioboek beschikbaar zijn en uiteraard helemaal gratis en remixbaar, zoals u dat van mij gewend bent.
De gedichten worden echter niet door mij, maar door ‘mijn mensen’ ingesproken. Niet al mijn mensen natuurlijk, maar een selectie (het zijn immers maar dertig gedichten). Dit keer: Willem Claassen.
Bovenbuurman, gelezen door Willem Claassen.
Willem is een van de beste schrijvers die ik ken. Ik meen dat, maar u hoeft dat niet van me aan te nemen: lees Park, lees Grote Zus. Willem is een van de weinige (lees: drie) mensen die mijn vroege kladversies te lezen krijgen. Omdat hij weet hoe het werkt. Hij las zelfs het manuscript voor de bundel in de eerste versie. Sterker nog: aan Willem heb ik min of meer de indeling te danken. Hij merkte ooit op dat ik veel gedichten had met ‘ooit’, ‘nu’, ‘soms’ en dergelijke woorden. Onder het mom van ‘kom uit voor je zwakke punten’ heb ik die woorden als titels voor de afdelingen gebruikt.
Willem wilde dit gedicht doen, omdat hij Henk kent. Hij was erbij toen Henk een van zijn momenten had. Willem schrijft:
Hier mijn bijdrage aan het audiobook. Tenminste, voor zover. Ik denk dat het misschien mooier is om via een programmaatje mijn stem boven de muziek te zetten. Nu heb ik de geluidsboxen richting het gaatje gezet dat de microfoon van de laptop voor moet stellen.
Lo-fi noemen we dat. En daar houden we van. Ik zou het ook niet anders willen, het zou minder Willem zijn… Hij mag dan niet zo goed met ‘programmaatjes’ zijn, hij is een held in de polygoon-journaalstem. Hij kan het niet op commando maar doet het wel te pas en te onpas (tijdens vergaderingen, kroegbezoeken of het lezen van de krant). Hij maakte een bonustrack voor het luisterboek die ik eigenlijk zou moeten bewaren tot het helemaal online komt, maar ik kan het niet laten. Luister, het is de moeite waard:
Naast altijd grappig is Willem een van de beste vrienden en sparringpartners die een mens zich kan wensen. Ik heb wel eens gezegd dat iedereen een eigen Willem zou moeten hebben, en ik geloof dat nog steeds.
Bedankt, Willem.
Mijn mensen: Teenagecumshotfacials
15 augustus, 2010
In de aanloop naar de verschijning van mijn debuutbundel ik en mijn mensen plaats ik op deze site ingesproken gedichten. In september zal de gehele bundel als audioboek beschikbaar zijn en uiteraard helemaal gratis en remixbaar, zoals u dat van mij gewend bent.
De gedichten worden echter niet door mij, maar door ‘mijn mensen’ ingesproken. Niet al mijn mensen natuurlijk, maar een selectie (het zijn immers maar dertig gedichten). Dit keer: Teenagecumshotfacials.
Als alles andersom moet, uitgevoerd door de Teenagecumshotfacials.
“Het wordt wel een beetje een rommeltje, dat audioboek van jou.”
Inderdaad. Om er nog een schepje bovenop te doen: het legendarische acapellacoregezelschap Teenagecumshotfacials. Acapellacore? Nou ja, Venlo’s antwoord op de overdaad aan aandoenlijke gitaarbandjes, zwoele zangeresjes en murw-gechoreografeerde exboybandzangers. ‘Hardcore, maar dan zonder intsrumenten.’, zegt bandlid Olle. ‘En harder en sneller dan alles wat je tot nu toe gehoord hebt.’, voegt Andy toe in het befaamde interview met Omroep Venlo FM. (Met legendarische uitspraken als: “We zetten ons vooral af tegen mensen die onze T-Shirts niet kopen. Ja de maatschappij… De maatschappij moet je te vriend houden. Dat zijn heel veel mensen, daar kun je beter geen ruzie mee krijgen.” en “Nou, ‘Op een onbewoond eiland’, heel veel mensen weten dat niet, maar dat gaat eigenlijk over alleen op een eiland zitten.”)
De teenagecumshots zijn al een tijdje ter ziele, hoewel ze wel nog volop T-Shirts verkopen. Grote liefhebbers van poëzie die ze echter zijn, konden ze een bijdrage aan dit audioboek niet laten. Frontman Andy mailt:
Afgelopen weekend was ik weer herenigd met mijn muzikale medeterrorist, dus toen kon eindelijk jouw gedicht worden opgenomen. Het derde lid van de Teenagecumshotfacials wordt nog steeds dagelijks gemarteld in een Japanse gevangenisbarak, vanwege enkele zeer gewelddadige aanslagen op muziekwinkels die Westerse bladmuziek verkopen. Hij kon dus helaas niet bij de opname aanwezig zijn. Als ode aan jouw gedicht ‘Als alles andersom moet’ hebben we het nummer ‘Als alles andersom moet’ gedoopt. Het is muzikaal ons meest epische nummer tot nog toe, met een voor ons duizelingwekkende duur van 51 seconden. De pers bestempelde het lied tot een post mortem kroon op ons oeuvre; wij zien het liever als een eerste voorzichtige stap in de geschiedenis van de orkestrale a capellacore. We zochten de grens op van de lo-fi, pisten tegen het grenspaaltje en doken grijnzend de afgrond in: op zijn tijd legen we onze blazen.
Ik ben blij dat dit gedicht is toegevoegd aan een repertoire met nummers die titels dragen zoals “We hebben een meisje laten crowdsurfen, maar als ze was gevallen had ze drie dagen aan het infuus gemoeten, omdat ze een ziekte heeft waardoor haar bloed niet stolt.” En ik hoop dat Olle vrijkomt, ooit. En dat de cumshots weer gaan touren. Ze kunnen nog groter worden. Groter dan Scooter, durf ik zelfs te beweren.
Voor wie het allemaal niet zo kan verstaan (acapellacore moet je leren waarderen), is hier de tekst nog een keer na te lezen. Ik durf te wedden dat google heel veel nieuwe bezoekers deze kant op stuurt.
Mijn mensen: Vicky Francken
12 augustus, 2010
In de aanloop naar de verschijning van mijn debuutbundel ik en mijn mensen plaats ik op deze site ingesproken gedichten. In september zal de gehele bundel als audioboek beschikbaar zijn en uiteraard helemaal gratis en remixbaar, zoals u dat van mij gewend bent.
De gedichten worden echter niet door mij, maar door ‘mijn mensen’ ingesproken. Niet al mijn mensen natuurlijk, maar een selectie (het zijn immers maar dertig gedichten). Dit keer: Vicky Francken.
Dit huis is een moeder, gelezen door Vicky Francken.
Jaren geleden – toen er nog een gulden was, en die gulden nog van hout was, in de oorlog, of misschien toch iets later – mocht ik zitting nemen in de jury van de Write Now voorronde Nijmegen. Tussen alle puber- en slaapkamerpoëzie sprong de zin “wij zijn kleine beetjes archipel” eruit. En vooral omdat het meisje dat hem schreef pas een jaar of 15 was. Dat zijn van die momenten dat je denkt dat je zelf maar beter op kunt houden met schrijven.
Inmiddels is Vicky Francken natuurlijk geen onbekende meer en ook alweer wat jaren ouder, maar haar poëzie blijft zo goed dat je er jaloers en totaal ontmoedigd van raakt. Ik heb het voorrecht gehad een aantal keren met haar op te mogen treden en hier en daar eens een kop thee samen te drinken. Als ik een top drie zou hebben van Nederlandse dichters, zou Vicky erin staan.
Tijdens een Literaturjugendavond, toen die nog in de NDRGRND waren, kwam Vicky met wat suggesties om het gedicht te redden – ik wou het zelf al afschrijven. Dankzij haar heeft het gedicht het dus overleefd en daarom leek ze me de meest geschikte persoon om het voor te dragen. Vicky mailt:
het geluid klinkt heel dof, bijna alsof ik door een kussen heen praat (maar misschien geeft dat niet, eens te meer omdat “citaten vinden hun weg door barsten / naar binnen onder kasten, de bank / en in de hoekjes.”
En gelijk heeft ze. Bedankt!
Mijn mensen: Ivo Victoria
4 augustus, 2010
In de aanloop naar de verschijning van mijn debuutbundel ik en mijn mensen plaats ik op deze site ingesproken gedichten. In september zal de gehele bundel als audioboek beschikbaar zijn en uiteraard helemaal gratis en remixbaar, zoals u dat van mij gewend bent.
De gedichten worden echter niet door mij, maar door ‘mijn mensen’ ingesproken. Niet al mijn mensen natuurlijk, maar een selectie (het zijn immers maar dertig gedichten). Dit keer: Ivo Victoria.
De regenboogroute, gelezen door Ivo Victoria.
Ivo Victoria heeft een van de beste debuten van vorig jaar geschreven, u weet wel: dat boek met die lange titel. Dat vindt de jury van de selexyz-debuutprijs, dat vind ik ook (al heb ik waarschijnlijk heel wat minder debuten gelezen dan de jury).
Tijdens het lezen van Hoe ik nimmer… moest ik vaak denken aan dit gedicht. Niet alleen bij de snelwegscène in de eerste hoofdstukken, maar überhaupt; het idee van hoe zich je verleden verhoudt tot wie je nu bent. Goed, ik wil daar ook niet te lang op doorgaan. Er zijn vast fora voor dat soort onderwerpen. Het gaat erom dat het paste en dus vroeg ik Ivo of hij dit gedicht wilde inspreken. Dat deed hij, waarvoor (wederom) dank.
Dit gedicht is overigens uit de waai-reeks van Bert en mij en het eerste dat voor de tekening kwam. Kijk op Villanella voor de tekst met Berts tekening.