Ze kennen zorg om kapsel noch kleding en leven
op de stoelen van hun stamkroeg. Bij hen thuis
huist alleen nog hun slaap en een deel verveling.
Het dagrooster kent niet veel meer dan een hoop
meningen (luidkeels verwoord), een select aantal
gezichtsuitdrukkingen en het constante
wisselen van bil en bovenste been.
Hun geslachtsdelen zijn iets instrumenteels
geworden, zoals koffie bij het ontbijt,
sigaretten en nachtmutsen.
Hun broeken hebben zakken, ze dragen zowat
alles bij zich, maar voornamelijk:
autosleutels.
Ooit zullen ze hier vertrekken. Tot die tijd
weet u waar ze te vinden zijn.

Waarom niet ‘weet u ze te vinden’? Verder is het erg goed natuurlijk. Ik vraag de boekenverkoper alvast elke week of de nieuwe Gaens er al is.
Geplaatst door Jan | 10 april, 2009, 21:43Je hebt gelijk.
Geplaatst door Dennis Gaens | 11 april, 2009, 00:11of ‘tot die tijd weet u waar ze zijn.’
ik hoef ze niet te vinden maar dat is dan weer een heel ander verhaal. moet wennen aan deze denk ik. hij grijpt me niet in eerste instantie. het beeld is wel erg sterk, wat dat betreft een typische Gaens durf ik te zeggen.
later nog maar eens op herhaling komen.
Geplaatst door saskia | 12 april, 2009, 16:19Ik vroeg het maar. Voor het ritme lijkt het logischer, meer niet.
Geplaatst door Jan | 12 april, 2009, 20:22@ Jan: Ik meende het dan ook. ;) Het was niet kortaf bedoeld.
@ Saskia: Ik moet er ook aan wennen, maar ik wil niet in ‘trucjes’ vervallen of zo, daarom probeer ik mijn aanpak te verversen om de zoveel gedichten.
Geplaatst door Dennis Gaens | 13 april, 2009, 10:54